Op 23 januari 1921 zag N.H.C het licht, de Nijmegen-Hees-Combinatie.
In café Boers op de hoek van de Lange Hezelstraat en de Bottelstraat
werd besloten onder deze naam te gaan voetballen. Men sloot zich
toen ook aan bij de Gelderse Voetbalbond. Onder leiding van
voorzitter Van Schaik werd binnen 2 jaar de vierde klasse bereikt.
Op 1 december 1926 werd tijdens een vergadering een voorstel gedaan
om tot naamsverandering over te gaan. Dit werd gedaan omdat er in
Nijmegen een andere club was met de naam H.N.C, en dat kon nog wel
eens voor verwarring zorgen. Op advies van Chris van Embden, een van
de mannen van het eerste uur, werd besloten de naam te veranderen in
S.C.H, dit stond voor Sport-Club-Hees. In datzelfde seizoen van
1926-1927, kwam S.C.H te spelen op de velden waar zij nu nog zitten,
op de Rivierstraat. Daarmee is S.C.H recordhouder te Nijmegen, al 81
jaar voetballen zij op hetzelfde sportcomplex.
In het begin van de jaren ‘30 werd S.C.H tweede klasser, zodat er
jaarlijks enkele mooie derby’s werden gespeeld tegen clubs als N.E.C
en Quick. Het hoogtepunt voor S.C.H kwam aan het eind van seizoen
1934-1935. Nadat het kampioenschap behaald was, volgden
promotie-degradatiewedstrijden tegen Hengelo en Vitesse, met als
resultaat dat S.C.H naar de Eerste Klasse van Oost promoveerde.
Dit was het hoogst haalbare in die
tijd. In deze tijd werden ook enkele S.C.H spelers uitgenodigd voor
onder andere het Oostelijk Elftal. Enkele van deze S.C.H’ers waren
Bert Wessels, Bert Fleury, Bep Heij, doelman Piet Gidding en Jo
Looyschelder. Looyschelder haalde zelfs het Nederlands B elftal.
Hij moest
zelfs één keer bedanken omdat S.C.H. een belangrijke
toernooiwedstrijd moest spelen.
Dat S.C.H in de eerste klasse zat heeft slechts een jaar
geduurd, N.E.C nam de plaats in.
Eenmaal heeft S.C.H nog op de deur van de eerste klasse
geklopt. In 1939 bleken echter de Enschedese Boys te sterk
voor de Hesenaren. Al deze successen uit de jaren ’30 werden
behaald onder voorzitter Nol Jansen. Na de Tweede
Wereldoorlog steeg het aantal leden van de club, mede
doordat er veel nieuwe woningen in het Waterkwartier gebouwd
werden. De “Blauwe Jungskes”, een bijnaam die een journalist
de club gaf, kregen er een supportersvereniging, een
mondharmonica en een wandelvereniging bij. In het begin van
de jaren ’50 heeft er een uitwisseling plaatsgevonden tussen
enkele Franse clubs, waarbij de bekende pastoor Cloosterman
betrokken was. |

Op het terrein aan de
Rivierstraat |
|